EEN KORTVERHAAL VAN GEERT DE BUSSCHERE

YASSIN  

Dat hij op het einde met vuile vingers in de yoghurt roerde. Dat hij tegen de koelkast  
plaste. Dat hij opzettelijk de tepels van vrouwelijke reporters beroerde. Dat weten  
jullie niet! Nee, ik praat mezelf niet vrij. De zeventiende mei negentienachtenveertig had
ik  gewoon binnen moeten blijven. Had ik op mijn jongere broertjes en zusjes moeten  
letten. Had ik mijn liefste moeder zaliger moeten helpen. Had ik braafjes in een  hoekje
stil moeten zitten. Of tenminste mijn mond moeten houden. Maar nee, ik moest  en zou
mijn zin doordrijven. De zon scheen, de vogeltjes floten, ik kreeg de kriebels  en ging de
straat op. De aandrang was sterker dan mezelf. Hoe ik het grootste gedeelte van die dag
doorbracht, weet ik niet meer. Kuste ik voor  het eerst een meisje? Liet ik zandkorrels
tussen mijn vingers glijden? Wierp ik  keitjes naar nietsvermoedende voorbijgangers?
Wat me nog goed voor de geest staat:  plots voetbalde ik. Windstil. Uit de grond steeg
een behaaglijke hitte die tegen  witgekalkte muren weerkaatste. Geluiden van dichtbij
klonken ver weg. De bal, een  schapenmaag gevuld met afval, maakte rare capriolen.
Onvoorstelbare  bokkensprongen, net als mijn leven. De zoon van David Ben Goerion kan
ik mij nog goed herinneren. Hij had een lang, groot  voorhoofd en in de lucht was de
jongen onklopbaar. Door de harde vulling van de bal  stond zijn hoofd vol blutsen en
builen. De jongste van Mosje Dajan dribbelde als de  besten alhoewel zijn spel niet
uitmuntend was en de gelegenheidsbal veel van het werk  op zich nam. Natuurlijk waren
de Joden aan de winnende hand. Dat waren ze toen, dat  zijn zij nu nog. Ik was de
bezieler van de Palestijnse ploeg. Ik en niet de latere sjeik. Dat zeg ik  zonder afgunst,
het was gewoon zo. De weken die aan de wedstrijd voorafgingen, had  ik verschillende
jongens in de Gazastrook op hun voetbalvaardigheden getest. Geen  enkele voldeed. Tot
ik de bal, die mijn vader in elkaar had geknutseld, aan Yassin gaf.  Wat het spichtige
jongetje met de dierenmaag allemaal kon! Het ding kleefde aan zijn  schriele rechterpoot.
Yassin kon in een mum van tijd vier, vijf tegenspelers in de wind  zetten en scoren. Wat
was ik blij die noodlottige dag toen ik Yassin zag komen aanrennen! De Joden  leidden op
dat ogenblik met vier tegen nul. Ik besloot het kereltje direct in te  brengen en haalde
er Yossarian af omdat hij toch al niet veel zin in een lekkere pot  voetbal had gehad.
Yossarian glimlachte in mijn richting toen hij zich naar de kant  sleepte alsof hij mij
duidelijk wou maken dat hij aan deze dans was ontsnapt. De  haakneuzen lieten kleine
Yassin de ruimte. In geen tijd scoorden wij vier keer. Een  hattrick van... juist, ja. Toen
verscheen er een verbeten trek rond een mond. Eerst  één, dan volgden de anderen.
Lippen en wangen verschoten van kleur. Het zweet gutste  uit de poriën. Deze match was
groter dan onze tienerlevens geworden en niemand  behalve ik merkte dit op. Ik weet nog
dat ik toen dacht: onthoud dit, houd dit gevoel  vast, schrijf erover als het voorbij is. En
tegelijk bliksemflitste een gedachte door  mijn hoofd: stommeling, je zit er middenin.
Zelfs de zon vertrok. De avondschemering viel terwijl wij bereid waren te sterven  voor
elke centimeter terreinwinst. De bal! Het doel! En verder niets. De Joden hadden
ondertussen begrepen dat Yassin gevaarlijk was. Op de flanken. In  het centrum. Voor
het doel. Op het middenveld. Het twaalfjarig talent dreigde  voortdurend van overal.
Oudere opponenten liet Yassin alle hoeken van het terrein  zien tot zij het schaamrood
op de wangen kregen. Voor het eerst speelden wij, de  Palestijnen constant op de helft
van de Joden. Hun doel werd belegerd, zij stonden  met hun rug tegen de muur. Het
zalige ogenblik waarop wij nummer vijf binnenprikten. Ik die Yassin de diepte in  
stuurde. De bal die maar niet wou dalen. Goerion die het gevaar onderkende, achteruit  
wou rennen maar van vermoeidheid strompelde. Ons voetbalwonder die in zijn rug  dook
en de bal doodmaakte. Onze held oog in oog met Kleinblatt, hun keeper. Het  stiffertje.
Het stuiten van de bal net naast de paal tot hij tenslotte in het doel  sukkelde. De
ontlading. De vreugdekreten. Mijn idiote uitspraak. De jongste van Mosje Dajan had net
afgetrapt toen ik luidkeels riep dat wij nog wat  gas moesten bijgeven. Ik zag het vuur in
hun kassen branden: dit was niet langer meer  een voetbalwedstrijd, dit was de totale
Krieg. Mijn domme poging tot motivatie was  een oorlogsverklaring geworden. Direct na
de herneming veroverde de supersnelle  Yassin voor de laatste keer de bal. Goerion en
Dajan wisselden blikken uit. De  schurken begrepen elkaar blindelings. Zij liepen Yassin
achterna, elk langs één kant,  en bleven op een metertje of zo hangen zodat onze
superspits hen niet of gedeeltelijk  kon zien. En toen voltrok zich de ramp: een vliegende
tackle. Goerion laag, Dajan  hoog. Ik hoorde Yassins botten kraken. De doodschop maakte
hem kreupel. Yassin heeft mij nooit verwijten gemaakt. Hij  heeft zelfs nooit over die
wedstrijd gesproken. Maar ik voelde mij schuldig en heb  mijn leven aan zijn verzorging
gewijd. Ik groeide met hem mee, lag mee aan de  oprichting van de Hamasbeweging, ik heb
onschuldigen in zijn naam vermoord. Ik heb  dikwijls van de wraak geproefd, maar vaker
het bloed van mijn kameraden  uitgespuugd. Nu ben ik oud en gebroken. De toekomst ligt
als een dood vogeltje aan mijn voeten.  Wat rest er mij, behalve herinneringen aan een
verloren leven? Ik verlang enkel nog  naar het pleintje waar mijn leven een rare wending
nam. De zandkorrels en de hitte  blijven eeuwig mijn getuigen. De kinderen zijn
verdwenen. En waar de doelmond van  het uitverkoren volk lag, staat nu een checkpoint.
Het checkpoint waar ik straks de  explosieven die ik op mijn oude lijf heb vastgesnoerd,
tot ontploffing zal brengen.


(geplaatst op 25-03-2004)   

terug naar boven
© 2002/ 2005 't Prieeltje Online. Disclaimer. Webdesign: Henri Thijs.   't (muzen-)Koeriertje , Het Oog van de Roos en Het Prieeltje
Online zijn trademarks van  Het Prieeltje,  Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 0032477794783.  Deze site kan best
worden bekeken met en werd speciaal geconcipieerd voor  de standaardschermresolutie van 800 x 600.