| DE HEMELVAART VAN WOORDEN Dus, zoals de huid Van een geschoren ooi Ontwaakt de dag. Het is moeilijk het eigene van een steen af te stropen. Het is moeilijk het verleden van een Griek af te stropen. Maar waarom zouden we daarover praten ! Want alles wel beschouwd heeft ook het licht een huid, en kan het worden gestroopt zodus is ook het licht schuldig aan het zijn. Een warme luchtvlaag arriveert met het millennium. We zijn mooi ; waarom zouden wij niet mooi zijn ? We eten elkaar alleen maar uit honger, uit verering, uit instinct, uit liefde. Het maakt niets uit. We zijn wat we zijn, dat wil zeggen : mooi. Ik draag mijn altijd rustend bloed in mijn hart. Ik draag mijn altijd gezouten traan in mijn oog. Ik draag de engel in de schoot van de hemel. |
| copyright 2003 Het Prieeltje Online |