Copyright © 2002/ 2005: Het Prieeltje Online.  All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van  Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 013/33.55.16.  Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor  de standaardschermresolutie van 800 x 600.  
ANA PAULU TAVARES (ANGOLO,
PORTUGAL)
keuze en vertaling Henri Thijs
Biografische schets

Ana Paula Tavares werd in 1952 in Lubango, Angola geboren.

Na haar geschiedenisstudies in Luanda werkte zij vanaf 1973 als lerares
maar ging enkele jaen later naar Portugal om in Lissabon haar
geschiedenisstudie verder te zetten.  Tegelijkertijd vatte zij de studie aan
van Portugees gesproken Afrikaanse literatuur en promoveerde tot
doctor in de Afrikaanse Geschiedenis. Zij werd milieuactiviste in
verscheidene instituten in São Paola en New York, is lid van de Angolese
schrijversvereniging en maakt deel uit van de Angolese sectie van de
UNESCO.

Op dit ogenblik werkt zij als historicus in Lissabon.  Haar uitgebreid
wetenschappelijk onderzoeksschrift “A Apropiaçãa do Escrito pelos
Africanos” (Het zich eigen maken van het schrift door de Afrikanen) heeft
in wetenschappelijke kringen grote erkenning genoten.  Zij ontving
onlangs de Premio mario Antonio, de belangrijkste prijs voor Portugees
sprekende schrijvers uit Afrika.

Ana Paula Tavares is een van de belangrijkste vrouwelijke stemmen van
de hedendaagse Angolese poëzie.  Haar werk is duidelijk beïnvloed door
drie Angolese dichters David Mestre, Arlindo Barbeitos en Rui Duart de
Carvalho evenals door de Braziliaanse dichters Bandeira en Drummond.  
Haar gedichten handelen hoofdzakelijk over Angolese tradities en talen,
oorlog en liefde en in het bijzonder over de rol van de vrouw in de
maatschappij.


VIJF GEDICHTEN VAN ANA PAULA TAVARES
5vertaald naar het Portugees van Inés Koebel )


Ex voto

Op mijn stenen altaar
brandt van oudsher een vuur
worden de offergaven
neergelegd

op dit heilig altaar
leg ik
geen wijn noch brood
noch zeldzame woestijnbloemen
op dit altaar ben ik
met mijn lijf, dat een getatoeëerde jonge vrouw toebehoort

Op dit stomme stenen altaar
dat jij hier ziet
ligt een offer zoals
mijn tacula-rood lijf
mijn met glasparels versierd haar.

[Komt mijn liefste doet hij zijn lederen sandalen uit ]

Komt mijn liefste doet hij zijn lederen sandalan uit
          En tekent met zijn geur de grenzen van mijn ruimte
Met een licht hand tovert hij doelloos boten op mijn lijf.  Plant bomen
krachtig en                                                                                        
bebladerd.  Slaapt uitgeput in in de wieg van het korte ogenblik der hoop
Brengt mij appelsienen.  Deelt ogenblikken van het leven met mij.
En gaat.

………………………………………………………………………..
………………………………………………………………………..
vergeet zoals een droom zijn schone lederen sandalen.


* * *

Jij vraagt mij waarom ik zwijg
En ik zeg

      Mijn liefste wat weet jij over
      de echo van het zwijgen
      hoe kan jij woorden van mij verwachten
                              en tijd


      wanneer enkel het zwijgen de liefde
      toelaat haar stem
      vrij te verheffen
      in de taal van de lichamen


* * *

MUKAI VI

Om niet op jouw zilverlippen te sterven
zou men vogel moeten zijn en slang

om niet jouw zilverlippen te voelen
zou men vrouw moeten zijn en mens

om niet op jouw zilverlippen te lijden
zou men droom moeten zijn
een gesloten kalebas

Om niet op jouw zilverlippen te sterven
zou men geen vrouw noch vogel noch mens mogen zijn



DE GROOTMOEDERS KIJKEN IN DE SPIEGEL

De grootmoeders kijken in de spiegel
nacht na nacht

He! Bekijk eens het dorp van onze grootmoeders
Het dorp, zoals het was in de schaduw van de palmen,
Dat zij ons dwongen te verlaten
He! De grootmoeders
He! Onze grootmoeders
En de dorpen die zij ons dwongen te verlaten
He! Onze zo schone dorpen
Onze dorpen in de schaduw van de palmen
He! Dat zo schone dorp van onze grootmoeders
Dat zij ons dwongen te verlaten

De grootmoeders kijken in de spiegel
Nacht na nacht


Bron: Lyrik.org

(geplaatst op 31-03-2005)

terug naar boven