Copyright © 2002/ 2007: Het Prieeltje Online. All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn trademarks van Het Prieeltje, Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België). Tel. 013/33.55.16. Deze site kan best worden bekeken met en werd speciaal geconcipieerd voor de standaardschermresolutie van 800 x 600.
|
SIEGFRIED SASSOON (Groot-Brittanië) keuze en vertaling: Henri Thijs
|
Biografische notitie
Siegfried Sassoon werd geboren in 1886 in Kent, Engeland als de tweede zoon van
Alfred en Theresa die van elkaar scheidden toen hij amper vijf jaar oud was. Sassoon
liep school in Marlborough en daarna aan het Clare College in Cambridge. Hij
studeerde daar eerst rechten en geschiedenis maar maakte zijn opleiding niet af en
verliet Cambridge om een leven te gaan leiden van sportman, jager, paardenracer en
cricketspeler tot aan het uitbreken van de oorlog.
Toen reeds begon hij met gedichten te schrijven waarvan het beste was “The Daffodil
Murderer” een parodie op John Masefields “The Everlasting Mercy”. We spreken
dan van het jaar 1913.
Op 2 augustus 1914 trad hij toe tot het leger twee dagen voor de Engelse
oorlogsverklaring aan Duitsland. Van 1915 tot 1917 diende hij als tweede luitenant bij
de Royal Welch Fusiliers. In 1915 verloor hij zijn broer in de oorlog en schreef
hierover het gedicht “To My Brother” (1916). In het jaar 1916 verloor een collega-
luitenant David C. Thomas het leven. Deze verliezen troffen de dichter zo hard dat hij
besloot wraak te nemen op de Duitsers. Hij werd een verwoed vechter wat hem de
bijnaam “Mad Jack” opleverde. De dag voor de Slag van de Somme in juli 1916
werd hij vereerd met het Militaire Kruis. Na nog enkele heldendagen tijdens de Slag
van de Somme werd hij ingevolge een opgelopen loopgravenkoorts terug naar
Engeland gestuurd. Hij verbleef ook een tijd lang in London waar hij de literaire
journalist Robert Ross leerde kennen. Ross was literair gezien een invloedrijk man en
introduceerde hem in de bekende literaire middens van die tijd wat zeer belangrijk voor
zijn poëzie en zijn bekendheid was. In 1917 keerde hij terug naar de oorlog maar
werd later weer gewond opgenomen in een hospitaal in Rouen. En het is op dit
ogenblik dat zijn pacifistische overwegingen beginnen een rol te spelen in zijn leven en
dat zijn anti-oorlogsmoraal zich begint te vormen. Hij schreef hieromtrent ook het
belangrijke gedicht “Declaration” . Een en ander mondde uit in een poging om te
deserteren uit het leger waarbij hij openlijk stelling nam tegen zijn oversten. Hij
riskeerde hiermee natuurlijk voor de Krijgsraad te worden veroordeeld tot de dood,
maar kon hieraan ontsnappen dankzij de gelukkige interventie van Robert Graves
waarmee hij erg bevriend geraakte en uren spendeerde om te discussiëren over
poëzie. Graves kon het geregeld krijgen dat Sassoon onbekwaam werd verklaard
voor de oorlog en dat hij werd opgenomen voor behandeling in het Oorlogshospitaal
van Craiglockhart in Edingburgh. Daar ontmoette hij de dichter Wildred Owen (1893-
1918) waarvan hij een grote invloed onderging. Het is ook hier dat hij zijn
voornaamste gedichten schreef zoals de bundel die later zou verschijnen “Counter-
Attack and Other Poems”. Hij werd terug fit bevonden voor de legerdienst en moest
in november 1917 terug naar het front. In 1918 werd hij gestuurd naar Palestina als
commandant van het 25ste Bataljon van Royal Welch Fusiliers. Drie maanden later
moest hij weer gaan dienen in Frankrijk aan het front in Mercatel. Vandaar werd hij
overgeplaatst naar St.Hilaire waar hij tijdens een aanval een ernstige hoofdwonde
opliep en na een periode van revalidatie voor onbepaalde tijd in ziekteverlof ging. In
maart 1919 nam hij officieel ontslag uit het leger.
Het gros van de poëzie geschreven tijdens de oorlog was nogal epigrammatisch en
satirisch van aard. Verschillende gedichten waren bedoeld voor het thuisfront. Hij
gebruikte deze gedichten om zijn ongenoegen te laten blijken over het in zijn ogen welig
tierende profitariaat van het thuisfront die de oorlog exploiteerden in haar voordeel en
vandaar ook probeerde de oorlogsscène nodeloos te verlengen voor eigen gewin. In
de periode na zijn ontslag uit het leger ontmoette hij verschillende belangrijke auteurs
zoals: T.E. Lawrence, C.M. Doughty, Thomas Hardy en vooral John Galsworthy. In
1919 werd hij voor korte tijd literair uitgever van de Daily Herald en ontmoette hij in
die functie Edmund Blunden. Deze laatste behoort ook tot de categorie van anti-
oorlogsdichters maar is (ten onrechte) minder bekend gebleven. Hij schreef o.a.
“Undertones of War” over zijn belevenissen in de oorlog in Frankrijk. Sassoon reisde
nu ook naar de States die hij doorkruiste van noord naar zuid en waar hij vele
gespreksronden gaf over poëzie. Terug in London begon hij te schrijven aan zijn
“Memoirs of a Fox-Hunting Man” gepubliceerd in 1928. Gedurende de periode 1928-
1945 spendeerde hij veel tijd aan het schrijven van zijn zes autobiografische werken.
De eerste drie volumes, achteraf bekend onder de gemeenschappelijk naam “Memoirs
of an Infantry Officer” (1930), bevatte de werken “Sherston’s Progress” (1936)
alsook “Memoirs of an Fox-hunting Man”. De “Sherston Memoirs” worden algemeen
beschouwd als de semi-fictionele beschrijving van zijn leven. “Memoirs of a Fox-
hunting Man” werd eerst anoniem gepubliceerd omdat Sassoon zich niet wou laten
profileren als prozaschrijver door de lezers omdat hij toen beter bekend stond als
dichter. De volgende drie autobiografische werken luidden: “The old century and
Seven More Years” (1938), “The Weald of Youth” (1942) en “Siegfried’s Journey”
(1945). Sassoon huwde met Hester Gatty in 1933 en kreeg een zoon George in
1936. Hij diende niet tijdens de tweede wereldoorlog maar leefde rustig in Heytesbury
House in Wiltshire waar hij ook stierf in 1967 een week voor zijn eenentachtigste
verjaardag. Hij werd begraven in Mells in Somerset.
DRIE GEDICHTEN UIT “THE WAR POEMS”
ALLEEN
“Als ik alleen ben” – de woorden gleden van zijn tong
alsof alleen zijn niet vreemd zijn kon,
“Toen ik jong was,” zei hij; “ toen ik jong was…”
dacht ik aan ouderdom, en eenzaamheid, en verandering.
Ik dacht hoe vreemd groeien wij op als wij alleen zijn,
En hoe verschillend de mensen die elkaar ontmoeten en spreken,
En de kaarsen uitblazen, en elkaar een goede nacht toewensen.
Alleen… Het woord is het geleden en gekende leven.
Het is de stilte waar onze geesten verblijven
En alles behalve het innerlijk geloof is verdreven.
(ALONE)
DROMERS
SOLDATEN zijn de burgers van het grijze land van de dood,
Die geen voordeel halen uit het ontwaken van de tijd.
In het grote uur van het lot staan zij paraat met hun lood
Elk met zijn ruzies, afgunsten, en pijnen voor de strijd
Soldaten zijn gezworenen van de actie; zij moeten terstond
Een vlammende, fatale climax met hun levens bouwen.
Soldaten zijn dromers; als de geweren schieten in het rond
Denken zij aan warme haarden, propere bedden en hun vrouwen.
Ik zie hen in hun vuile lompen, geknaagd door ratten,
in de ingestorte loopgraven, geplaagd door regenvlagen
Dromen van dingen die zij deden met ballen en latten,
En vervuld van een hopeloos verlangen naar vrije dagen
Met gekibbel, cinemashows en een vrolijk festijn,
En het gewoon vertrekken naar het werk met de trein.
(DREAMERS)
HOE TE STERVEN
DONKERE wolken gloeien rood als in een oven
Terwijl diep in de kraters de ochtend brandt
De stervende soldaat wendt het hoofd naar boven
Om de glorie te begroeten die terugkeert naar het land
Hij wijst met de vingers naar de hemelenzee
Waar een heilige klaarte breekt open op dit uur
In vlammen weerkaatst in zijn ogen terwijl het wee
Legt op zijn lippen een gefluisterde naam van vuur.
Je zou denken van mensen te horen praten,
En kameraden met snikken en vloeken
Te zien gaan naar westelijke staten
En met sombere gezichten wit als krijt zoeken
naar kransen, graven en lijkwagens in een stoet
Maar zij hebben geleerd het te doen zoals wordt verwacht
Van Christelijke soldaten die zoals het moet
Zonder verpinken hun taak volbrengen met gezag
En gepaste eer voor hun deugd en moed.
(HOW TO DIE)

Siegfried Sassoon : The War Poems
by Rupert Hart-Davis (Editor), Siegfried Sassoon
List Price: $18.95
Paperback - 160 pages (May 1983)
Faber & Faber; ISBN: 0571130151 ; Dimensions
(in inches): 0.49 x 7.70 x 4.93