Copyright © 2002/ 2005: Het Prieeltje Online. All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België). Tel. 013/33.55.16. Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor de standaardschermresolutie van 800 x 600.
Bioschets
Sargon Boulus werd geboren in Irak in 1944. Hij is dichter, korte verhalenschrijver en
vertaler. Hij woont voornamelijk in San Francisco en is een van de weinige Iraakse
dichters die in het Amerikaanse poëziecircuit wist door te dringen en een eerbaar
plaatsje te veroveren sedert de jaren zestig uit de vorige eeuw. Beschouwd als een van
de meest invloedrijke Arabische dichters van vandaag, oefent hij een grote invloed uit op
de nieuwe generatie van jonge Arabische dichters. Hij begon met het publiceren van
poëzie en korte verhalen in 1961 door mede te werken aan het invloedrijke tijdschrift Shi’
r (Poëzie) van Yousef Al-Khal en Adonis in Beiroet. Sindsdien publiceerde hij regelmatig
zijn gedichten en vertalingen in talrijke Arabische periodieken en dagbladen en heeft hij
al zes poëziebundels op zijn naam staan. Hij raakte ook bekend als vertaler in het
Arabisch van vooraanstaande Engelse en Amerikaanse dichters zoals Erza Pound, W.H.
Auden, W.S. Merwin, Shakespeare, Shelley, William Carlos Williams, Allen Ginsberg, Ted
Hughes, Sylvia Plath, Robert Duncan, John Ashbery, Robert Bly, Anne Sexton, John Logan
en nog vele andere dichters waaronder ook Rilke, Neruda, Vasko Popa en Ho Chi Min.
Hij is mederedacteur van Banipal, een vooraanstaand Arabisch literair tijdschrift.
VIER GEDICHTEN VAN SARGON BOULUS
vertaling uit het Arabisch door de auteur zelf; vertaling uit het Engels door Henri Thijs
DE ZIGGURATBOUWERS
Zij waren
de eerste dromers
die de vorm van een
droom in klei gestalte gaven:
een trappenhuis van gebeden
opklimmend
naar de hoogten.
Zij wisten:
eens kwam er een
vreemdeling bij hen
voorbij
en verdween.
Zijn schaduw
werd opgelost
in de vorm
van een ziggurat-
dit schip van de goden
wier figuurhoofd
de wolken zal klieven.
En leerde:
het is een zee van tijd
op wiens oever we
van tijd tot tijd
een glimp mochten opvangen
van een vooroudersfiguur
die naar ons zal wenken
doorheen duizend jaren
en wachten op zijn schip.
* * *
DE LEGENDE VAN AL-SAYYAB EN HET SLIB
Van in het begin, wist Al-Sayyab (1)
dat de dingen waarvan we houden
zeldzaam zijn: een gezicht
stralend achter de vodden
in zijn klein wiegje
helder als een boterham.
Verschillende vrouwen, lief
als de kindermeisjes van de legende
en een handvol slib
vochtig als een kroniek van de vloed-
Dezen bleven hem achtervolgen
Voorbij de grenzen van
zijn herinnering,
terwijl de ramen van zijn jeugd
opengingen voor zijn starende blik.
Voor hen zong hij
zelfs als hij brandde
en wachtte op hospitaalbedden
ver weg van het water van Irak.
Voor hen.
Smeekte hij zelfs om de modder op
de bodem van een stroom.
En zong.
Al-Sayyab wist van in het begin:
een ongeschoeide wordt enkel naar
een gevangenis geleid of naar een afslachting, en armoede
is de enige duivel
zolang de wereld in al zijn glorie
of ellende een banket is geserveerd
voor de anderen
in onze naam…
En telkens hij het gedicht schreef,
plonsde het hospitaal als een vlot
in de leegte.
Dan, als de nacht, de bezorgde
dienaar, hem bracht
de glans van de eeuwigheid, en de dood als een gezichtsloze
danser zich voor zijn ogen ontkleedde
in de laatste taverne van de aarde –
trok Jaikur (2)
met al zijn boomgaarden
en al zijn modder
zich terug
in de rivier van zijn bloed
en zag hij de Heer
op de bodem van Buwaib (3).
_________
1 Badr Shakir Al-Sayyab (1926-1964) was een van de pioniers van de Irakese poëzie die de
laatst jaren van zijn leven doorbracht in hospitalen in Beiroet, Londen en Koeweit
2 Jaikur is de geboortestad van Al-Sayyab
3 Buwaib is the rivier die loopt door Jaikur
* * *
O SPELER IN DE SCHADUWEN
Ik speel alleen.
Een uur.
Of twee.
Ik spreid de kaarten uit op tafel.
Wanneer zal jij verschijnen?
Speler, al dit geluk is voor jou.
Laat je zien. Ik zal opblijven tot de ochtend
wachtend op jouw verschijning.
Aan wie zal ik mijn kaarten tonen?
Zonder jou, welke zin heeft mijn spel?
Ik zal spelen. Maar eerst,
wat zijn de regels: als ik win
wie kan dan de verliezer zijn?
En als ik de verliezer ben, wie zal dan winnen
…en wat?
O speler in de schaduwen,
dit spel zal zijn geheimen niet onthullen
zonder een prijs: duizend
dinaren voor hem die zijn kaarten neerlegt.
Duizend dinaren voor hem
die ze verborgen houdt.
- Vreemd. Wat een spel!
waarin niemand kan winnen noch verliezen.
- Ja. En wat voor een jackpot. Wat voor een inzet!
* * *
EEN SLEUTEL VOOR HET HUIS
Een man droomde
dat hij zijn stad
verliet op een dag in een storm
die de velden geselde
en wolken van stof opjoeg
die de wind weefde om zijn voeten.
Een man droomde
dat een vrouw
met een kind in haar armen
een lied zong dat hij kende
uit zijn jeugd
en dat hij bleef herhalen voor zichzelf
terwijl hij de woestijn doorkruiste
alsof het zijn enige bron was.
Maar een stem waarschuwde hem
in het midden van zijn droom.
Een duisternis viel plotseling
in op de vlakte.
Een vogel vloog op uit een boom
waarvan de verlaten tak
bleef wuiven naar de lucht –
stilte werd dieper
tot hij de tijd kon horen
sluipen voorbij een stervende boomgaard
lichtvoetig als een vos of een kwartel.
Het water bibberde en versplinterde
toen hij zich boog in zijn dorst om te drinken
en de rivier
veegde zijn weerspiegeling weg
in uitdeinende cirkels
terwijl hij probeerde te redden
wat restte
met zijn scheppende hand, en haastig ook
want de zon begon weg te zinken
als een magische vensterruit
over de einder
die hij al zolang aanschouwde.
En die zij nu al overschreed.
Voor iemand zijn naam kon
roepen, keerde hij zich om en keek.
Hij liet zijn valies achter
in het midden van de straat.
Van zijn hand die beefde
- gesloten om het enige dat hij vasthield: de sleutel
van het huis van zijn vader -
vloeiden hete bloeddruppels
in het stof.
Dit is de lijn –
hier loopt jouw eerste pad
ten einde.
Wrijf het stof uit het je ogen
en bekijk dit land van de anderen,
dat je zult betreden.
Bron: Masthead
(geplaatst op 02-06-2005)
terug naar boven