Copyright © 2002/ 2004: Het Prieeltje Online.  All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van  Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 013/33.55.16.  Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor  de standaardschermresolutie van 800 x 600.  
Claudia K. Grinnell schreef in “The drunken Boat”, naar onze mening
een van de betere Amerikaanse literaire e-zines van deze tijd, een
opmerkelijk artikel over het begrip verantwoordelijkheid  versus
verantwoordingszin zowel vanuit literair als humanistisch standpunt.  
Henri Thijs las, vertaalde en synthetiseerde de belangrijkste
grondgedachten van dit artikel.

Hoe kan een schrijver, een mens verantwoordelijk zijn?   Het volgende
gedicht van Philip Phalen probeert daarop een poëtisch antwoord te
formuleren:

WAARBIJ IK WEIGER DE NOTIE VAN DE SOCIALE
VERANTWOORDELIJKHEID OP MIJ TE NEMEN

Vanaf het ogenblik dat ik uit de stad ben
Worden mijn vrienden ziek, beginnen ze twisten onder elkander
Storten zich in ongelukkige liefdesaffaires
en schrijven mij brieven & ik maak mij zorgen

Ben ik hun hersenen, hun beter geweten?
Ieder van ons wenst iets te doen.
Ik adem.  Ik slaap niet.
     In deze context : vertaalde Fenellose NO (Japans woord)
                           als “voltooiing”
                                      (een woordspeling voor de heup?)

Iets te doen hebben

   “Ik zal je naar hier sleuren met de haren van je hoofd!”
   & en hij begon dat te doen met zijn mooie vrouw
   tot hun buren  (die niets beters te doen hadden)
    dat onderbraken

Bij ontstentenis van iets anders moeten wij onszelf
onderwerpen aan de liefdevolle impuls van onze vrienden
Geef hen een kik om bodhisattvas te zijn                        
(ofschoon hun welwillendheid een zware last op mijn hoofd is
hun goede intentie een daad van agressie)

Spel van schaduwen waar er geen licht noch oog te zien te bespeuren valt
Pas op met een draaideur
Mijn hoofd een vallende ster

Kan men, zoals de titel van dit gedicht schijnt te suggereren, protesteren tegen
de notie van verantwoordelijkheid (Latijn, renuntiare / Engels renunciation/to
renounce: loochenen, opgeven, protesteren tegen)?  “Ieder van ons wenst iets
te doen”, zegt de spreker.  Als wij “niets beters te doen hebben” mengen we
ons in andermans zaken, komen tussen in twisten tussen mannen en vrouwen.  
De recipiënt van zulk een daad, zulk een handeling, moet zichzelf
onderwerpen, heeft de passieve verantwoordelijkheid van het verdragen in de
betekenis van verduren met geduld en moet dergelijke impulsen overstijgen,
uitputten.  Aldus wordt de verantwoordelijkheid een draaideur; aan de ene
zijde van de deur is de roep om actie, om te ageren, verantwoordelijkheid op
te nemen.  Hier handelen we, ten minste zolang we nog ademen en niet in
slaap zijn.  Aan de andere zijde van de deur, zijn we de receptoren van de
verantwoordelijkheid, voor de welwillende handelingen van onze vrienden.  
Hier, onderwerpen we ons.  De demarcatielijn tussen beide zijden is
vloeibaar en schemerachtig omdat we op elk gegeven moment zowel
handelen als worden behandeld.  Is verantwoordelijkheid een roep naar
respons, d.w.z. een roep om een antwoord of beantwoordbaar te zijn, een
roep om een verantwoording of om verantwoordingsvatbaar te zijn?  Het lijkt
een algemeen aanvaard concept te zijn.  J.R. Lucas begint zijn vertoog over
Verantwoordelijkheid door op te merken dat: etymologisch  verantwoordelijk
zijn betekent verantwoording verschuldigd zijn -  het begrip stamt uit het
Latijnse woord respondeo, Ik antwoord, of het Frans répondre, zoals in
RSVP.  Ik kan evenzo zeggen dat ik verantwoordelijk ben voor een
handeling of verantwoording verschuldigd ervoor.  En als ik moet
antwoorden, moet ik een vraag beantwoorden; deze vraag luidt: ”Waarom
deed je het?” en bij het beantwoorden van die vraag, leg ik verantwoording
af…voor mijn handeling.  Zo is de essentie van het concept van
verantwoordelijkheid eigenlijk dat ik het voorwerp ben van de vraagstelling
“Waarom deed je het?” en verplicht ben een antwoord te geven.
De mening overheerst dat dit fout is.  Verantwoordelijkheid kan worden
onderscheiden van verantwoording in termen van prioriteit en relatie.  Als ik
jou iets doe – als jij me groet bij voorbeeld, en ik negeer je – ben ik
verantwoording verschuldigd voor mijn gedrag.  Moest jij mij om een uitleg
vragen, zou ik verplicht zijn jou die te geven.  En, inderdaad, jij zou het
beschouwen als onverantwoord van mij niet op te komen voor mijn
handelwijze.  Maar ik ben jou al verantwoordelijkheid verschuldigd vooraleer
ik verantwoording moet afleggen voor jou.  Als jij mij groet, moet ik
responderen. Er bestaat geen non-respons om zo te zeggen.  Door je te
negeren heb ik in feite al respons gegeven, alhoewel misschien op een manier
bedoeld om mijn verantwoordelijkheid af te schudden.  Ik kan mij van je
afkeren, maar dat betekent geenszins dat ik geen respons heb gegeven aan
jou.  Het betekent alleen dat ik geen vriendelijke respons heb gegeven.  Ik
heb je beschaamd, je bewust gemaakt van jouw isolement t.o.v. mij, en aldus
geweigerd verantwoordelijkheid te aanvaarden voor de dingen die ik niet
voor jou gedaan heb.  Verantwoordelijkheid gaat de verantwoording vooraf.  
Maar er is nog meer.  Degene aan wie ik verantwoordelijkheid verschuldigd
ben is niet dezelfde als degene voor wie ik verantwoording moet afleggen.   
Enkel sommige mensen kunnen een uitleg vragen aan mij.  Ik moet in het
geheel geen verantwoording afleggen voor ondergeschikten en
vreemdelingen, maar enkel voor degenen met wie ik reeds een zekere relatie
ben aangegaan.  En in feite kan ik in die context veronderstellen dat een
relatie al tot een bruusk einde kan zijn gebracht door de weigering van een
persoon om verantwoording van hemzelf  af te leggen t.o.v. de andere.
Nu ben ik al verantwoordelijkheid verschuldigd aan jou zelfs als je een
vreemdeling voor mij bent.  Opnieuw, als jij mij groet, kan ik niet
responderen.  Niet responderen is responderen door niet te responderen.   
En als je in nood moest zijn – als je zou uitglijden op de stoep en voor mijn
voeten vallen – is mijn  gebrek aan respons zeer zeker een moreel gebrek.  
Nu zul jij in het geheel geen verantwoording vragen voor mijn handelingen,
behalve misschien later, wat jij wil is een onmiddellijke respons van een
zekere soort.  Dus maak ik mijn zin van verantwoordelijkheid aan jou bekend
door de manier waarop ik respondeer ten aanzien van jou.  En responsie (om
de taal van Lucas te gebruiken) is “de kern van het concept van de
verantwoordelijkheid”.
De etymologische ontleding kan ook anders worden bekeken dan bij Lucas: ”
verantwoordelijkheid komt van het werkwoord “antwoorden” , re+ pondere
(plechtig beloven, zich binden, engageren of plechtig beloven).  Als een
belofte nu een verzekering, een garantie is voor de andere met het oog op de
toekomst, dan is respons een geruststelling, een restoratie van vertrouwen en
het wegnemen van de schaamte.  En een status van non-respons is dan - de
terugtrekking in de stilte of de weigering om te helpen – het falen, de
gebrekkige  toestand van het beloven.   Niet responderen is zichzelf niets
plechtig beloven.  Het is onrustwekkend; het herstelt het vertrouwen niet en
neemt de schaamte niet weg;  Eerder dan bij te dragen tot wat de Joden
noemen tikkun olam, het herstel van de wereld, laat de non-respons de
gebrekkige toestand intact.  Hij laat na de menselijke nood te lenigen.  
Geconfronteerd met schade haalt hij de schouders op:” niet mijn
verantwoordelijkheid”.
Verantwoording zijn we verschuldigd aan degenen waarmee we intiem
omgaan.
Verantwoordelijkheid is wat wij verschuldigd zijn aan de weduwe, de
vreemdeling, en onze buur – bovenop onze intieme relaties.  Aldus gaat
verantwoordelijkheid de verantwoording vooraf, maar is zij niet gebaseerd op
een voorafgaande relatie.  Zij is de basis van alle verdere menselijke relaties.
De spreker in het gedicht beseft dat “ieder van ons iets wil doen”.  Wij willen
responderen, zowel actief (door het te doen) als passief (door onze
onderwerping); wij willen een antwoord bieden voor de menselijke ellende,
zelfs als zulke “welwillendheid een zware last is” In zijn boek “Responsible
Self”, zegt H. Richard merkwaardig genoeg iets gelijkaardigs:  door onze
verantwoordelijkheidszin pogen wij te antwoorden op de vraag:” Wat zullen
wij doen?” door de voorafgaande vraag te stellen: ”Wat gebeurt er?” of “Wat
heeft men mij misdaan?” eerder dan “ Wat is mijn doel?” of “Wat is mijn
ultieme code ?”
De vragen “Wat moet ik doen?” en “ Wat is het juiste antwoord op wat
gebeurt?” vraagt reflectie over wat er gebeurt.  De morele factor laat hier zijn
interpretatie van de gebeurtenissen zien over hoe hij /zij verkiest daarop te
reageren.
Schuld wordt vaak verward met zowel verantwoordelijkheid als
verantwoording, maar is van geen van beide de basis. Ofschoon hij spreekt
over dezelfde schaamte eerder dan schuld, laat Primo Levi op een duidelijke
en overtuigende manier zien wat nu net het verschil is tussen schuld en
verantwoordelijkheid.  In “The Drowned and the Saved” beschrijft hij de
reactie van de eerste Russische soldaten bij hun aankomst in Auschwitz:

“ Zij (de soldaten) groetten ons niet, en lachten ook niet; zij leken benauwd,
niet enkel door medelijden maar ook door een verwarrende ingetogenheid
die hun monden bezegelden; en hielden hun ogen strak gericht op de
begrafenisrituelen.  Het was dezelfde schaamte die wij (gevangenen) zo goed
kenden, die ons overviel na onze selectie, en elke keer dat wij weer een
gewelddaad moesten ondergaan: de schaamte die de Duitsers nooit hebben
gekend, de schaamte die de mens ondervindt wanneer hij geconfronteerd
wordt met een misdaad begaan door een ander, en hij voelt dan berouw
omwille van het bestaan ervan, of omdat hij onherroepelijk is kunnen
binnendringen in de wereld van het bestaan, en omdat hij (de mens) zelf
bewezen heeft niet over de wil te beschikken of over de bekwaamheid om
een goede verdediging ervoor te ontwerpen.”

Levi’s onderscheid hier tussen aan de ene kant de schaamte van de
gevangenen en de Russische soldaten en aan de andere kant “de schaamte
die de Duitsers nooit gekend hebben” lijkt aan te geven dat er een falen
aanwezig is van de kant van de Duitsers om geschikt te responderen.   In
deze zin moet elke persoon zichzelf de vraag stellen: “Ben ik de hoeder van
mijn broeder?” en positief of negatief daarop antwoorden;  Zijn
verantwoordelijkheid, zijn respons op deze vraag is voorafgaand aan de
schuld die hij zich toe-eigent door zijn verantwoordelijkheid niet op te nemen.
Emmanuel Levinas stelt dat wij verantwoordelijk zijn voor degenen waarvoor
wij verantwoordelijk zijn.  Omdat ik moet responderen of reageren op de
man die zijn vrouw met de haren uit bed trekt, word ik ook aansprakelijk
voor hem.  Verantwoordelijkheid opnemen voor een ander persoon door te
reageren (responderen) op deze persoon zonder reserves en door zijn eigen
beschermingscocon te doorbreken met andere woorden door ons volledig te
onderwerpen aan die persoon, geeft zowel die persoon als onszelf “ een kik
om bodhisattvas te zijn (wijze, verlichte wezens).  Dit opgeven van elke  
zelfprotectie of egoïsme, deze complete respons van onzentwege neemt ons
mee naar het rijk van “ levende schaduwen waar er geen licht noch oog te
bespeuren valt”.  Het is het beloofde land.  Het is ook het land waarnaar
schrijvers verlangen wanneer zij hun pen op papier zetten.  Een schrijver geeft
respons – is responsief – op zijn/haar omgeving.  Het is de
verantwoordelijkheid van de auteur om na te denken over wat er rondom
hem of haar gebeurt en om de vraag te beantwoorden: ”Wat moet ik doen?”  
Het antwoord is schrijf – herschep of begin met andere woorden het herstel
van de wereld.  En dat is nu precies wat de spreker (de schrijver?) van het
gedicht probeert te doen door aan te vangen met een schijnbare afwijzing van
de verantwoordelijkheid.  Deze afwijzig of verloochening is echter een
retorisch werktuig; een werktuig geconcipieerd om de onmogelijkheid van de
afwijzing ironisch voor het voetlicht te brengen.  
M.H. Abrams bepaalt in “Gossary of Literary Terms” de ironie als volgt:
“ In de Griekse tragedie was de rol gespeeld door eiron een “huichelaar”, die
karakterieel sprak met understatements en bewust beweerde minder
intelligent te zijn dat hij in werkelijkheid was… In de meeste gevallen blijft bij
het kritisch gebruik van de term Ironie nog steeds de grondtoon van
huichelarij of een verdraaiing van de feiten aanwezig, niet echter om te
bedriegen, maar om speciale retorische of artistieke effecten te creëren.”
De spreker in het gedicht huichelt daarom om daarna de wereld van de
respons en de verantwoordelijkheid te creëren, eentje waarin hij zich eerst
benauwd voelt door de enorme last van de taak, maar later ervaart als
grenzeloos omdat hij een dans is van actie en reactie, tussen subject en
object, tussen zichzelf en de andere.  In de wervelende dans door de
draaideur van de geest, wordt de wereld opnieuw geschapen op elk ogenblik
en elk ogenblik schept ook een nieuwe potentie van verantwoordingszin.

terug naar boven
DE “LODEN KWESTIE” VAN DE
VERANTWOORDELIJKHEID
door Henri Thijs