Copyright © 2002/ 2004: Het Prieeltje Online.  All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van  Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 013/33.55.16.  Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor  de standaardschermresolutie van 800 x 600.  
Inleiding

Quassim Haddad (°1948, Bahrein) is de beroemdste dichter van Bahrein. Hij is
in hoge mate autodidact. Zijn motto "ik moet schrijven" drukt precies het
wezen van zijn dichterschap uit. Hij publiceerde twaalf dichtbundels, een aantal
studies over poëzie en een autobiografie. Samen met de beroemde Iraakse
tekenaar en kunstschilder Diya Azzaoui maakte hij het kunstboek "Nieuws over
Majnun Leyla". Haddad staat voor vrijheid en vooruitgang, ook in zijn poëzie.
Hij is werkzaam geweest als directeur voor kunst en cultuur bij het Ministerie
van Informatie, heeft de Bond van Schrijvers van Bahrein opgericht en is
voorzitter van het literair tijdschrift Kalimat. Hij is een graag geziene gast op
talrijke poëziefestivals.

EEN CHAOTISCH PARADIJS

1

wacht een ogenblik dan start het paradijs zijn chaos
en daalt de voorouderlijke woede op ons neer
twijfel zal zo onze dromen overwinnen
wacht dus een ogenblik

2

vroege veren voor het slagveld
water voor ijzeren ademtochten
spiegelwater en lucht
buitgenomen
dienen wij voor tranen
misschien dat de doden genoegen nemen met wat slaap aan dromen voorstelt
dit is een paradijs dat de mensen voor het sterven missen
dit verlies is de reden van het brood en de geschiedenis van het graan
de strijdende planeet
van woedende slachtoffers
wacht een ogenblik in de twijfelhallen
laat de windheren koninklijke parabels bezingen
en de geschiedenis beroven
marcherend over onze beenderen
heren die voortkomen uit de oorsprong van staal
kwamen de mensen zwavelschatten brengen
en Gods schepselen onderrichten in de moraal

3

een geschiedenis van verbonden scheidt mij van mijn vrienden
van joods kinderverlies
van het levend begraven meisje dat voor het laatst een nagel in haar keel
begraaft
van een regerend voorouder
er rest alleen een ondergaand paradijs
enkele overgebleven vrienden
noemen dit gat een voorhal naar onze toekomst
wacht
jullie zullen de kostbaarste delen van onze liefde bewenen
en op onze levers in slaap vallen
dit is onze chaos
een chaos voor ons


* * *


VUUR KLAMPT ZICH VAST AAN VUUR

groen
verplaatst de muziek jou naar het laatste paradijs
tussen een begeesterd waken en een onzekere schim
een schim houdt je gevangen in een katafalk van verzoeking verleidt je met zijn
frivole lokken of met bekoorlijke gelaatstrekken die de wolken verdrijven
je beschermt je lichaam tegen het dansgenot
met blozende slaap bindt jij je ledematen vast met rafels
zoals iemand bebloede vogels opsluit
in een gebroken kooi
niet lettend op de bliksem
verdrijft de schim het ivoor
de afgrond voor het water openend
prijs hij de snaar
leidt een verre cavalerie met losgeslagen handen
slaat voor jou bruggen naar glorieuze fundamenten
schenkt koper de gave van goud
en zwelt op stroomt over en herstelt
maar jij onder een weifelende meteoriet
jij bent ijs dat kristalliseert
kraakt
en smelt
tijgers worden nuchter
vleugels ruien
bomen verdwijnen in dromen
groen
groen en verzadigd van vlammen
beef je als een verliefde asceet en je ledematen vallen van je af
zitkamer en voorhal zijn jou te klein
te klein de kamer en het huis en de plek
de vlakte wordt een verscheurd hemd
maar jij leeft in een verholen lijf waarover jij geen macht hebt
in je ogen gloeien sintels
je overziet de schim met grimmige geilheid
vastgeklampt aan een tak brandend over een afgrond
vuur klampt zich vast aan vuur
door jou raken elementen en temperamenten verward
als een vrouw schreeuwend op haar hoogtepunt


terug naar boven
Qassim Haddad (Arabische Poëzie)
vertaald door Hafid BOUAZZA en bewerkt door Henri Thijs