Copyright © 2002/ 2005: Het Prieeltje Online. All rights reserved. Webdesign: Henri Thijs. Niets uit deze uitgave mag worden
gekopieerd zonder uitdrukkelijke toestemming van de uitgever. 't (muzen-)Koeriertje, Het Oog van de Roos en Het Prieeltje Online zijn
trademarks van Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België). Tel. 013/33.55.16. Deze site kan best worden bekeken
met en werd speciaal geconcipieerd voor de standaardschermresolutie van 800 x 600.
Bioschets
Ali Abdollahi werd in 1968 in Chorassân (Iran) geboren.
Hij studeerde Duitse Taal en Letterkunde aan de Beheschti Universiteit in
Teheran en sloot zijn studies af met het proefwerk “Konkrete Poesie im
Deutschunterricht”. Van 1993 tot 2001 introduceerde hij als medewerker van
Radio Iran Duitse en Perzische literatuur. Daarnaast was hij ook als
universiteitsdocent, journalist en vertaler actief. Hij heeft meer dan twintig
vertalingen (Rilke, Nietzsche, Hesse, e.a;) uitgegeven, o.a. “Die Frösche sterben
im Ernst – Deutsche lyrik vom Anfang bis heute” in 2003.
Van hem zijn ook al twee gedichtenbundels verschenen, nl. “Altijd voort ga ik in
het duistere” (1997) en “Zo komt zij niet meer” (2003).
Vier gedichten van Ali Abdollahi
(naar het Duits van Susanne Baghestani)
Garnizoensgedichten
Lange nachten,
verhalen over verboden liefdes,
Kleine vreugdes
en vervalste reispassen.
Dagen aan één stuk
de wagen van de commandant poetsen,
gangen schrobben
en officieren gehoorzamen.
Thans hebben zij zich verzameld
onder de Esche.
Ver van de blik van de commandant
gaat een sigaret
van hand tot hand.
Terwijl de rook omhoog kringelt in de lucht
Benijden zij
met hun vloek
de vrijheid van de vogels.
* * *
LIEFDESLIED
Jouw beeld
verberg ik in de afgesloten riool,
jouw kleed
in de koffer,
de spiegel
zet ik omgekeerd in de nis.
Gebleven vlechten van jouw haar
dansen aan de rand
op het gezang van de wind.
In mijn kamer
staat steeds
een lege stoel!
* * *
DE WITTE KAMER
De spatten
Op de granaatappelboom in de tuin
Het blad groeit,
Mijn zusters, die rijpen,
Mijn ouders, die oud worden,
En mijn kamer die men gewit heeft.
Boeken, de verslagen soldaten van Xerxes.
Op witte kalk, onder het windscherm
Drie bruine strepen.
Dagen
Met deze kamer en
Regels van het water.
’s Nachts valt regen
De mensen zijn blij
Voor hun schapen.
De regengoot leest “Gesprekken” (*).
Regen, wind en
Nachten van Confucius
In deze witte kamer.
(*) Gesprekken van Confucius
* * *
DE REGISSEUR
De coulissen zijn opgeruimd,
De marionettenspelers zijn weg,
Het instrument denkt aan andere begeleiders,
De marionetten sluimeren
En stilte
over de stoelen.
Het voorhoofd op de knie
Zal de regen
jou dadelijk
wegdragen!
Bron: Lyrikline.org
(geplaatst op 30-04-2005)
terug naar boven
Ali Abdollahi (Iran) keuze en vertaling: Henri Thijs
|