Aridjis, Becerra, Fraire, e.a.
BIOGRAFISCHE NOTITIES VAN DE AUTEURS
Homero Aridjis
Geboren in Contepec, Michoacán in 1940, was hij de oprichter van de periodiek
"Correspondencias" en hoofdredacteur van "Dialogos". Zijn eerste gedichtenbundel "Blue
Spaces" werd (vertaald in het Engels) uitgegeven in de Verenigde Staten in 1974. Heeft een
tijd lang gewerkt als diplomaat van de Mexicaanse ambassade in Zwitserland en Nederland.
Schreef ook verschillende romans. Zijn poëzie werd verzameld in de bundel "Obra Poética"
(1960-1986).
José Carlos BECERRA
Geboren in 1936 in Villahermosa, Tabasco en stierf in Italië in 1970. Studeerde filosofie en
architectuur aan de Universidad Nacional Autónoma van Mexico en kreeg in 1969 een
Guggenheimbeurs die hem toeliet te reizen naar New-York en later naar London, waar hij zes
maanden verbleef. In 1970 bezocht hij verschillende Europese landen; stierf door een spijtig
auto-ongeval op weg van Napels naar Griekenland. Hij was amper drieëndertig jaar oud. Zijn
poëtisch oeuvre was desalniettemin omvangrijk en werd posthuum verzameld in "El otono
recorre las islas" (1973) dankzij de medewerking van de dichter Pacheco en Gabriel Zaid.
Zijn poëzie is een maalstroom van verrassingen die overvloedig zijn leven en dood
beschrijven in lange verzen gevuld met nostalgie, herinnering en sensualiteit. Romantische
Invloeden van Neruda, Pellicer, Claudel en Perse zijn erin merkbaar. In zijn later werk is plots
een duidelijk cesuur waar te nemen in die zin dat hij begint minder lange gedichten te
schrijven en overgaat tot kortere gedichten waarin elementen van humor, sarcasme en een
zoektocht naar de zin van het leven elkaar afwisselen. Verrassend genoeg zijn er in zijn
gedichten ook visionaire tekenen aanwezig van zijn vroege dood daar waar hij leven en dood
laat coëxisteren in zijn verzen onder de vorm van een door hemzelf uitgevonden mythe.
ROSARIO CASTELLANOS
Geboren in Mexico-stad in 1925, bracht de dichteres haar jeugd door in Comitán, in het
zuiden van Mexico. Na haar reizen naar Europa en de U.S.A. waar zij haar studies in de
esthetica voleindigde, keerde zij terug naar de provincie van Chiapas om te werken met
Indiaanse toneelgroepen en vervolgens in het "Indigenous Institute of San Cristobal". In een
groot deel van haar werk probeert zij de afstand te overbruggen tussen de Pre-Colombiaanse
en de Europese culturele tradities van Mexico. Deze sociale kloof werd hoofdzakelijk haar
bekommernis ingevolge haar bewustwording van de situatie van de vervreemding van
vrouwen in beide culturele tradities. Vervreemding en eenzaamheid worden dan ook de rode
draad in haar werk zowel in haar roman "Balin Canan" als in haar gedichten verzameld in
"Poesía no eres tú " Net zoals bij de meeste Zuid-Amerikaanse dichters, evolueert ook haar
poëzie van uitbundigheid en rijke verbeeldingskracht met lange gedichten en verzen naar
meer compacte verzen met soms bijtende humor en lichtjes beïnvloed door Gabriel Mistral.
Zij schreef naast poëzie en proza ook literaire essays, en een ophefmakend feministisch
toneelstuk "El eterno femenino". Als ambassadrice van Mexico in Israël stierf zij in 1974 te
Tel Aviv bij een banaal huishoudelijk ongeval.
ALI CHUMACERO
Geboren in Acaponeta (Nayarit) in 1918. Nam deel aan alle literaire stromingen van zijn tijd
en werkte mee aan de meest belangrijke tijdschriften. Zijn eerder beperkt oeuv zijn bekommernis
om een hoge kwaliteit na te streven in zijn verzen en bevat tevens een
subtiel gedachtegoed.
BRICEIDA CUEVAS COB
Is de jongste telg in deze verzameling. Zij is een Maya-dichteres geboren in Tepakan, Calkini
in de provincie Campeche (Yucatan). Publiceerde in verschillende literaire tijdschriften en
dagbladen in Quitana Roo, Campeche, Yucatan en Mexico-Stad. Haar poëzie werd verzameld
in twee bloemlezingen. De eerste "Flor y Canto" (bloem en gezang) met werk van vijf
inheemse dichters uit het zuiden werd gepubliceerd onder de auspiciën van de Unesco in
Tabasco in 1993. De tweede verzameling die verscheen in Spanje in 1994 is getiteld "Tumben
Ik tanil ich Maya Tan "(moderne poëzie in de Maya-taal). In 1995 verscheen haar bundel "U
yokol auat pekti ukuxtal pek" (de klacht van een hondenbestaan). Zij schreef ook een boek
over het dagelijkse leven van een Maya-vrouw. Zij is stichtend lid en secretaris van de
Mexicaanse Schrijversvereniging. Haar gedichten zijn als kleine portretten van het dagelijkse
leven (van geboorte tot aan de dood) en zijn ook vaak doordrongen van het
minderwaardigheidscomplex eigen aan haar stamgenoten.
ISABEL FRAIRE
Geboren in Mexico-Stad in 1934. Haar literaire kritieken, vertalingen evenals haar poëtisch
werk zijn zeer belangrijk geweest voor de ontwikkeling van de kunsten en letteren in Mexico
sedert de jaren 1960. In 1978 werd haar derde bundel "Poemas en el regazo de la muerte",
bekroond met de Villaurrutiaprijs. Haar verzameld werk werd opgenomen in de bundel
"Puente colgante (Poesia reunida)" in 1997.
JOSE GOROSTIZA
Was een van de stichtende leden van de groep "Contemporaneos" in Mexico in de jaren 20.
Deze dichtersgroep zette zich af tegen het strenge nationalisme van de postrevolutionaire
Mexicaanse kunst en predikte de leer van de literaire esthetiek. "Poëzie is voor mij" schreef
hij ergens "een onderzoek van bepaalde essenties zoals leven, dood, liefde, God die plaats
vinden met zulk een kracht dat zij de taal openbreken - maar in die mate dat de grootste
transparantie moet worden nagestreefd om de taal toe te laten de grens over te steken naar de
kern van deze essenties." De gedichten hier vertaald komen uit zijn meesterwerk "Muerte sin
fin" (Dood zonder einde).
EFRAIN HUERTA
Geboren in Silao, Gunanajuato in 1914 en stief in Mexico-City in 1982. Kreeg een opleiding
van advocaat, beroep dat hij opgaf om zich te wijden aan het schrijven. Zijn poëzie heeft een
sociale, socio-erotische weelde gebracht in de Mexicaanse poëzie van de moderne tijd. Zijn
werk is schatplichtig aan het rebellerende non-conformisme van de Amerikaanse dichter Walt
Whitman en pleit net als deze laatste duidelijk voor een anti-rethorische lyriek. Behalve
gedichten schrijven,wat hij ongeveer 50 jaar lang voltijds heeft gedaan, werkte hij ook als
professionele journalist en filmcriticus.
RENATO LEDUC
was hoofdzakelijk journalist en bedreef als bijberoep poëzie die echter onmiddellijk een
persoonlijke stempel drukte en zich bijzonder onderscheidde van het werk van de tijdgenoten.
De spot waarmee hij zijn enthousiasme vaak bedreef ging hand in hand met een soort gratie
die zijn taal verrijkte. Het zijn vooral Lopez Vélarde en de Colombiaan Luis Carlos Lopez die
hem daarbij inspireerden. Verscheidene gedichten van hem, vooral de erotisch getinte, werden
aanvankelijk anoniem uitgegeven. Zijn poëzie neemt afstand van de courante literaire
stromingen en leunt sterk aan bij de orale traditie van zijn land.
SALVADOR NOVO
Geboren in Mexico-Stad in 1904 en er gestorven in 1974. Samen met Xavier Villaurrutia
stichtte hij de literaire periodieken "Ulises" in 1927 en "Contemporaneos" in 1928. Hij
leverde een positieve bijdrage aan de vernieuwing van de Mexicaanse literatuur in de eerste
helft van de eeuw. Novo is de meest talentrijke prozaïst van zijn generatie en zijn poëzie is
ook het meest origineel. Zijn verzameld werk werd nooit uitgegeven. Hij publiceerde de
volgende bundels: XX poemas (1925), Nuevo amor (1933), Espejo (1933), Seamen Rhymes
(1934), Décimas en el mar (1934), Romance de Angelillo y Adela (1934), Poemas proletarios
(1934), Never ever (1934), Un poema (1937), Poesías escogidas (1938), Dueño mío. Cuatro
sonetos inéditos (1944), Decimos: "Nuestra tierra" (1944), Florido laude (1945), Dieciocho
sonetos (1955), Poesía 1915-1955, Sátira (1955) y Poesía (l961).
JOSE EMILIO PACHECO
Geboren in Mexico-Stad in 1939. Zijn talent werd al vlug erkend en nog maar 20 jaar oud
werd hij reeds opgenomen bij de grote Spaans- sprekende dichters van Latijns-Amerika. Hij is
als dichter een vruchtbaar perfectionist. Met zijn uitzonderlijke visie en veelheid van
poëtische stijlen, traditionele en moderne, weet hij het verleden en het heden te verbinden van
zowel de Latijns-Amerikaanse als de Spaanse poëzie, wat een niet geringe poëtische prestatie
is. Zijn gedichten vol met commentaren op en citaten en variaties van literaire voorgangers
noemt hij "Aproximaciones"(Benaderingen). Ze zijn enigszins te vergelijken met de "ready
mades" in de beeldende kunst.
OCTAVIA PAZ
Al op zijn zeventiende richtte hij een avant-gardisch tijdschrift op en publiceerde twee jaren
later zijn eerste verzen. De sociale instelling van zijn vader (advocaat en een van de pioniers
van de agrarische hervorming) volgend richtte hij in Yucatan een school op voor jonge
arbeiders. De burgeroorlog bracht hem vervolgens in Spanje waar hij in contact kwam met
Pablo Neruda, Miguel Hernandez, Luis Cernuda en César Vallejo. Daarna keerde hij terug
naar Mexico waar hij een de belangrijkste leden werd van de groep verzameld rond de revue
"Taller" (1938-1941). In 1943 vertrok hij naar de States, om daarna een diplomatieke carrière
te beginnen die hem zou brengen naar Parijs (1946-1951)- waar hij actief deelnam aan de
surrealistische beweging van André Breton en Benjamin Péret, naar Japan en India (1952-
1953). In 1950 liet hij zijn geruchtmakend essay Het Labyrint van de Eenzaamheid
verschijnen over Mexico. Terug gekeerd naar zijn land ontwikkelde hij een grote literaire
activiteit en schreef hij theaterstukken en een poëtisch essay. In 1957 publiceerde hij het lange
gedicht "Zonnesteen". Daarna hervatte hij zijn reizen en publiceerde in 1962 de dichtbundel
"Salamandra". In datzelfde jaar werd hij tot ambassadeur benoemd in India, functie die hij in
1968 weer opgaf als protest tegen de bloedige repressie in Mexico van een studentenbetoging.
In 1969 bracht hij een bundel uit "Versant est" met gedichten geschreven in zijn Indische
periode. In zijn meer recente werken toonde hij zich fervent aanhanger van zijn dubbele
roeping van dichter en essayist. Hij bevestigde de universaliteit van zijn talent geankerd
enerzijds in de Mexicaanse realiteit en in diverse culturele vormen van welke aard ook
anderzijds. Hij richtte in 1976 de revue "Vuelta" op. In 1990 ten slotte ontving hij de
Nobelprijs Literatuur.
JAIMES SABINES
Geboren in Tuxtla Gutiérrez, Chiapas in 1926 en gestorven in Mexico-Stad in 1999. In een
gedurfd hedendaags idioom behandelen de gedichten van Sabines de zin en de onzin van het
bestaan. Hij is een begaafd en intellectueel dichter die er genoegen in schept taboes te
doorbreken. Zoals de confessionele dichters is hij ook een auteur van emotionele helderheid.
Deze combinatie van intellectueel scepticisme en zuivere emotie heeft van hem een van de
belangrijkste dichters gemaakt van zijn generatie.
Xavier VILLAURRUTIA
De oprichter van de eerste experimentele theatergroep in Mexico is een beroemde
persoonlijkheid als dramaturg en dan bijzonder als de auteur van het toneelstuk "Invitacion a
la muerte" (Uitnodiging tot de dood, 1943). Internationaal is hij beter gekend als de dichter
verwant met de complexiteit, eenzaamheid en nachtelijke romantiek van Rilke. Met de dichter
Gorostiza was hij een van de stichtende leden van de periodiek "Ulises "(1927-1928), die veel
idealen van de zgn. "Contemporaneos"-groep vertolkte. Hij was een man met een groot
intellectueel vermogen, geestigheid en loyauteit. In zijn later leven werd hij ook professor aan
de Nationale Universiteit van Mexico en was enige tijd directeur van het Bellas Artes Theater.
Algemeen wordt hij getypeerd door de critici als de dichter "van het verlangen" wiens
geliefde uiteindelijk niet een andere man is maar de Dood zelf, de Dood in hoogsteigen
persoon.
GABRIEL ZAID
Zijn heldere,anti-rethorische gedichten gebruiken een vorm van het scepticisme om de
discussie tot stand te brengen. Zijn uitgesproken ironie localiseert poltieke dialectieken,
erotische gevechten, of zelfs verklarende relaties tussen lezer en de tekst die kunnen worden
bespeeld en onderzocht op hetzelfde ogenblik in het gedicht. Het beste van zijn oeuvre werd
verzameld in "Reloj de Sol" in 1995.
terug naar boven

OP DE OEVER VAN DE WOORDEN
|