KORT VERHAAL VAN NEELTJE VAN BEVEREN

GEEF NIET OP

Ik had aanvankelijk een gedicht geschreven dat ik in de kerk wilde voordragen. Dag
mama, heette het. Niet alleen vanwege de titel was het een pathetisch stuk schrijven. Het
dweepte lustig met zaken als komen en gaan, en was zelfs zo cheesy om als metafoor voor
de dood een warm bad te gebruiken, waarin men na spiernaakt een ijskoude rondgang
door de wereld te hebben gemaakt weer in alle tevredenheid mag terugvlijen. Mijn vader
fronste de wenkbrauwen toen ik hem het gedicht voorlegde. Het gaat zo weinig over
mama, zei hij voorzichtig. Ik vond het een vreemd bezwaar. Een gedicht over mijn moeder
zou gaan over migraine, bitterheid en berouw en ik vertíkte het om zoiets in de kerk
voor te gaan staan dragen. Zelf had mijn vader zich er gemakkelijk vanaf gemaakt. Hij
ging een tekst voordragen van Drs. P, waar mijn moeder wel eens om schijnt te hebben
gelachen. Dat is een zeldzaamheid. Geheel conform de taal was lachen voor haar iets dat
je moest. Ze rebelleerde, en ik geloof er niets van dat ze voor Drs. P een uitzondering
heeft gemaakt. Maar goed, pa had er een eitje aan en zadelde mij zo op met de
persoonlijke noot van de begrafenis. Goed, dacht ik, als het dan over mijn moeder moet
gaan, dan gáát het ook over mijn moeder. Dit is een situatie die schreeuwt om wetenschap.
Objectiviteit. Afstand. Ik geef dus grif toe dat de verhandeling die ik vervolgens
schreef over de psychische constitutie van mijn moeder, en waarin ik met grote
doelmatigheid de wortels van haar neurotisme blootlegde enige mate van koelheid bezat.
Maar de manier waarop mijn vader op het stuk reageerde vond ik overtrokken. Hij
jammerde dat alleen mensen zonder hart het in hun hoofd zouden halen om hun moeder op
haar begrafenis een anale fixatie in de schoenen te schuiven. Mijn vader is nooit een man
van de wetenschap geweest. Bij hem zijn er dingen die vóór de waarheid komen. En op
basis van ééntje ervan, het fatsoen, verbood hij mij mijn analyse met de gasten te delen.  
Ik geloof niet dat je zoiets op een begrafenis karaoke noemt, maar het principe was
hetzelfde. Ik besloot een melancholisch stuk muziek uit te zoeken, dit door de kerkelijke
boxen te laten klinken en zelf via de microfoon zo begaan als het moment het toeliet met
het muziekstuk mee te zingen. Ik zing wel niet best, maar dat doet Peter Gabriel ook
niet, en bovendien lijkt zijn Dont give up wel geschréven voor gelegenheden als deze.
Ditmaal reageerde mijn vader dan ook instemmend op mijn voornemen. De
voorbereidingen verliepen voorspoedig. Een beetje kenner van de popmuziek voorziet
echter mijn misrekening. Peter Gabriel zingt het nummer namelijk niet alléén. Dus toen ik
net naar tevredenheid het eerste stuk tekst had meegegalmd en klaar was voor het
tweede, klonk plotseling een gesnerp door de luidsprekers dat minstens vijf seconden
nodig had om mij ervan te overtuigen dat het een menselijke stem betrof, en niet het
gejank van een loopse Hellekat. Uit al die zangeressen had Peter Gabriel uitgerekend
Kate Bush verkozen om hem de geruststellende woorden geef niet op toe te zingen. Nu
geloof ik niet dat het ooit iemand gelukt is de ijle halen die dat mens uit haar torso weet
te persen ook maar bij benádering te imiteren. Hoe ik het in mn hoofd haalde dat het mij
op die bewuste dag naast de kist van mijn moeder in een overvolle kerk wél ging lukken is
me nog altijd een raadsel. Had ik tijdens Kates passages gezwegen, dan had men het mij,
en ik het mezelf, kunnen vergeven. Had ik ze gewoon met de stem die ook Peter Gabriel
voor moest stellen gezongen, dan was er niets aan de hand geweest. Achteraf had ik dan
ook voor één van deze twee opties gekozen. Maar op het moment zelf zijn ze niet eens in
me opgekomen. Ik weet niet wat er over me heen kwam. Een bevlieging was het. Een
plotseling, niet te negeren streven naar perfectie. Er was maar één optie: gaan met die
banaan. Gedachten kwamen in me op als nooit geschoten altijd mis, waar een wil is is een
weg, en wie niet waagt -  Ik verloor. Mijn vertolking van Kate Bush moet de
allerslechtste, en vooral de meest irritatiewekkende zijn geweest die ooit en plein
publique ten gehore is gebracht. Daarvoor stapelden zich de bewijzen in rap tempo op
zogauw ik onder het mom van medeleven mijn breintreiterende gehuil de kapel in begon te
spuwen. Al tijdens het eerste couplet zijn er mensen schreeuwend de kerk uit gevlucht.
Ik volhardde. Tijdens het tweede heeft men zelfs geprobeerd de microfoon uit mijn
handen te graaien. Ik weerstond. Pas toen na het derde couplet mijn moeder uit haar kist
overeind kwam en een ijzingwekkend STOP! door de kerk schalde, heb ik besloten mijn
optreden te staken en mij voortaan maar weer op de wetenschap te storten.

terug naar boven
© 2002/ 2004 't Prieeltje Online. Disclaimer. Webdesign: Henri Thijs.   't (muzen-)Koeriertje , Het Oog van de Roos en Het Prieeltje
Online zijn trademarks van  Het Prieeltje v.z.w., Demerstraat 32 bus 7, 3290 Diest. (België).  Tel. 0032477794783.  Deze site kan
best worden bekeken met en werd speciaal geconcipieerd voor  de standaardschermresolutie van 800 x 600.