|
GEDICHTEN VAN JENNY DEJAGER
ER WAS EEN TIJD
Er was een tijd dat ik jou wilde oprapen om je daarna bij de hand te nemen om aan tafel te gaan zitten: jij recht tegenover mij
het was de tijd dat ik jou als wandelaar meenam door het bos van mijn thuis met zijn geluiden, zijn kilte, mijn vragen over het grijze meer, waar ook jij argeloos instapte
laat nou maar de haast achter je op de plank bij het broodje met kaas - soms ham –soms wij met respijt als toespijs voor de verdonkeremaande scène waarin je meeging met mij toen je nog mijn vondeling was en ik geen woorden had
(geplaatst op 30-03-2004)
* * *
HET ONGEZEGDE
Iedere keer als ik de waarheid verdraai lachen mijn kinderogen groen mijn geheim staat op het telraam van mijn leven en al telt het niet meer mee zoals de lei en de griffel, al stemt de herfst van mijn leven mij milder, ben ik mij bewuster van zijn kleuren, is zijn glans mij dieper, leef ik onthechter, toch blijft de blauwdruk van het ongezegde die zijn recht op geschiedenis overweegt
(geplaatst op 18-03-2004)
* * *
ER WAS MOED VOOR NODIG
Er was moed voor nodig om jou weg te zien gaan over de zwart-witte rivier waar later met mij zijn betekenis verloor.
Tussen de wolken van krachten die jij niet kende, mij niet toekende, bleef het geluk hangende, het kromp, het rolde zich op, verdween in het slakkenhuis van de ontwennende klok, 'voor altijd'barstte open als de rijpe vrucht van ons beiden. Maar pas op de dag dat het onzegbare het eens werd tussen ons werden deze woorden voor mij alsnog ledig.
(geplaatst op 08-02-2004)
terug naar boven
|
|